woensdag 30 januari 2008

Papa, huilt de hemel?


Nog steeds herinner ik me de ochtend dat mijn vader me voor het eerste meenam naar het Kerkhof de Vergeten Boeken. De eerste dagen van de zomer van 1945 regen zich aaneen en we wandelden door de straten van een Barcelona gevangen onder een asgrijze hemel, met een waterig zonnetje dat over de Rambla de Sante Monica stroomde als een guirlande van vloeibaar koper.
"Daniel, wat je vandaag zult zien mag je aan niemand vertellen", waarschuwde mijn vader. "Zelfs niet aan Tomas. Aan niemand."
"Zelfs niet aan mama?" vroeg ik met een gedempte stem.
Mijn vader zuchtte, terwijl hij zich verschanste achter het trieste glimlachje dat hem als een schaduw door het leven volgde.
"Natuurlijk wel", antwoordde hij teneergeslagen. "Voor haar hebben we geen geheimen. Aan haar mag je alles vertellen."
Kort na de Burgeroorlog had een aanval van cholera mijn moeder van ons weggenomen. We begroeven haar op de Montjuïc op de dag van mijn vierde verjaardag. Ik herinner me alleen dat het de hele dag regende en dat, toen ik mijn vader vroeg of de hemel huilde, zijn stem brak toen hij antwoord gaf...


Uit: "De schaduw van de wind", Carlos Ruiz Zafon